Thread View: bit.lang.neder-l
1 messages
1 total messages
Started by BJP Salemans
Sun, 21 Sep 1997 00:00
Neder-L, no. 9709.b
Author: BJP Salemans
Date: Sun, 21 Sep 1997 00:00
Date: Sun, 21 Sep 1997 00:00
1036 lines
55857 bytes
55857 bytes
*********************
*-Zesde-jaargang----------- Neder-L, no. 9709.b -----------ISSN-0929-6514-*
| |
| ************************************************************ |
| * Neder-L, elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek * |
| ************************************************************ |
| |
| Onderwerpen in dit bulletin: |
| ============================ |
| (1) Rub: 9709.13: Evenementen-agenda, met: |
| - OKW Taaldag 'Gewenste en ongewenste talige gevolgen |
| van de Europese eenwording' (A'dam, 4 okt.) |
| - 'Reuzen & Dwergen': diverse activiteiten op 5 okt. |
| in UB A'dam in kader Wetenschap en Techniek Week |
| - 43e Kinderboekenweek, 1 t/m 11 oktober 1997 |
| (2) Vac: 9709.14: Vacature Auckland |
| (3) Sym: 9709.15: Studiemiddag 'Biografie en egodocumenten' (A'dam, 25 |
| september) |
| (4) Col: 9709.16: Column Marc van Oostendorp: NederNed, no. 15: |
| 'Zondagmorgen' |
| (5) Sym: 9709.17: Sprookjessymposium PJMI 'Een zoen voor Sneeuwwitje' |
| (A'dam, 7 november) |
| (6) Rub: 9709.18: Hora est!, no. 3: |
| - 3a. Proefschrift E. Huizenga 'Een nuttelike |
| practijke van cirurgien' (promotie in Groningen op |
| 30 oktober 1997) |
| - 3b. Proefschrift W. Abrahamse 'Het toneel van |
| van Theodore Rodenburgh (1574-1644)' |
| - 3c. Proefschrift J. Kraayeveld 'Idiosyncrasy in |
| in prosody' |
| - 3d. Proefschrift M. van Zon 'Speech processing in |
| in Dutch: a cross-linguistic approach' |
| (7) Sym: 9709.19: Congres 'The presence of the past' (A'dam, 17 oktober)|
| (8) Lit: 9709.20: Zojuist verschenen: E.M. Beekman, 'The crippled |
| heart. An Introduction to the life, times and works |
| of Willem Godschalck van Focquenbroch' |
| (9) Col: 9709.21: Column Coppen: Linguistisch Miniatuurtje IXL: |
| 'Geboren worden is een hele toestand' |
|(10) Sym: 9709.22: Symposium 'De impact van literatuuropvattingen in het |
| literaire veld' (Utrecht, 7 november) |
|(11) Sym: 9709.23: 15e Symposium Werkgroep Biografie 'Biografie en |
| psychoanalyse' (A'dam, 14 november) |
|(12) Informatie over Neder-L |
| |
*-------------------------- --------------------------*
*********************
(1)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sun, 14 Sep 1997 15:23:03 +0200
# From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@let.UVA.NL>
# Subject: Rub: 9709.13: Evenementen-agenda
==================
Evenementen-agenda
==================
----------------------------------------------------------------
AMSTERDAM, Universiteit van Amsterdam, Oudemanhuispoort 4-6
----------------------------------------------------------------
OKW Taaldag in samenwerking met NRC Handelsblad over 'Gewenste en
ongewenste talige gevolgen van de Europese eenwording', 4 oktober 1997,
11 - 17.30 uur. Toegangsprijs fl. 70,-.
# De vijfde Taaldag van de K.L. Poll-Stichting voor Onderwijs, Kunst
en Wetenschap (OKW) bestaat uit werkgroepen en lezingen waarin
allerlei aspecten van vertalen en meertaligheid aan de orde komen.
Nadere informatie en intekenformulieren verkrijgbaar bij OKW,
Herengracht 476, 1017 CB Amsterdam, 020-6238421.
----------------------------------------------------------------
AMSTERDAM, Universiteit van Amsterdam, Universiteitsbibliotheek,
Singel 425
----------------------------------------------------------------
REUZEN & DWERGEN, 5 oktober 1997, 14.30 uur.
# In het kader van de Wetenschap en Techniek Week wordt een
videopresentatie gegeven over promotiemateriaal uit alle tijden voor
kermissen en circussen.
Doorlopend is er de expositie 'Grote en kleine boekbanden' in de
tentoonstellingszaal.
In de kaartenzaal toont conservator J. Werner grote en kleine
cartografische werken: 'Van boskabouter tot reuzenatlas'.
----------------------------------------------------------------
NEDERLAND, tal van locaties
----------------------------------------------------------------
43e KINDERBOEKENWEEK, 1 t/m 11 oktober 1997
# In het kader van de Kinderboekenweek met als thema 'De Tijdmachine -
terug naar toen' vinden tal van manifestaties plaats in diverse
plaatsen. Het kinderboekenweekgeschenk (gratis bij aankoop van
tenminste fl. 19,50 aan kinderboeken) is geschreven door Paul van
Loon: 'Lyc-drop', met illustraties van Camila Fialkowski. De
speciale uitgave 'Olifant en de tijdmachine' met illustraties en
tekst van Max Velthuijs is verkrijgbaar voor fl. 3,95. Inlichtingen:
CPNB, Postbus 10576, 1001 EN Amsterdam, 020-6264971, fax
020-6231696.
(2)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Tue, 2 Sep 1997 17:58:21
# From: Marja Kristel - IVN <ivnnl@worldaccess.nl>
# Subject: Vac: 9709.14: Vacature Auckland
Woubrugge, 2 september 1997
IVN - Internationale Vereniging voor Neerlandistiek
Raadhuisstraat 1
2481 BE Woubrugge, Nederland
tel. ++ (31) 172 518 243,
fax ++ (31) 172 519 925,
e-mail ivnnl@worldaccess.nl
=========================================================
VACATURE AUCKLAND VACATURE AUCKLAND VACATURE AUCKLAND
=========================================================
A lectureship in Dutch (limited term appointment - 3 years)
Department of Germanic Languages and Literature
School of European Languages & Literatures
The Department of Germanic Languages and Literature has eight tenured
academic postitions and three limited term appointments. It has
traditionally taught German (BA, MA, PhD), and since 1965 Scandinavian
Studies (BA major). In 1992 Dutch was introduced. Since 1997 Dutch has
been available as a BA minor; courses are offered in language
acquisition at all levels, in modern literature, civilisation of the
Low Countries and Dutch colonial history and literature (the latter two
are offered in alternating years). The Dutch section has been staffed
by a lecturer and a part-time tutor.
CONDITION OF APPOINTMENT
Tenure:
-------
The position is available as a limited-term appointment for a period of
3 years from the date of commencement.
Qualifications:
---------------
Applicants should have appropriate academic qualifications (a doctorate
or equivalent) plus teaching and research experience in Netherlands
language and culture, especially in teaching Dutch as a foreign
language. Interest and experience in a related area such as comparative
literature, (post)colonial literature or linguistics would be an
advantage. Experience in administration would be welcome. The applicant
will be expected to develop Dutch into a BA major.
Duties:
-------
The person appointed will be responsible to the Vice-Chancellor through
the Dean of the Faculty of Arts, the Head of the School of European
Languages and Literatures and the Head of the Department of Germanic
Languages and Literature for such duties as may be required by the Head
of Department. The successful applicant will be required to teach at
all undergraduate levels, and pursue and supervise research in an
appropriate field of specialisation.
Salary:
-------
Commencing salary will be determined in accordance with qualifications
and experience within the scales for Lecturers. The present salary
scale for a Lecturer is $NZ 44.250 per annum (1 $NZ = plusminus fl.
1,30) rising to $NZ 53.250 per annum by six annual increments. A
lecturer whose services have proved satisfactory may apply for
promotion to be given the status of a Senior Lecturer, salary maximum
$NZ 62.250 per annum, though this may be increased to $NZ 71.250 per
annum at the University's discretion.
Date of Taking up Duties:
-------------------------
The person appointed will be expected to take up duties on 1 February
1998.
Closing Date for Applications:
------------------------------
Applications in accordance with the Method of Application and quoting
'Vacancy UAC.904' should be forwarded as soon as possible, but not
later than 3 November 1997.
If required, further information about this position and the Department
of Germanic Languages and Literature may be obtained by addressing
specific questions to the Acting Head of Department, Dr James Bade,
telephone 64-9-373 7599, Extn 7672,
fax 64-9-373 7447,
email: j.bade@auckland.ac.nz
The University has an EEO policy and welcomes applications from all
qualified persons.
University of Auckland, Private Bag, Auckland, New Zealand
(3)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sun, 14 Sep 1997 15:23:03 +0200
# From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@let.uva.nl>
# Subject: Sym: 9709.15: Studiemiddag 'Biografie en egodocumenten'
# (A'dam, 25 september)
=======================================
Studiemiddag Biografie en egodocumenten
=======================================
Op 25 september 1997 vindt er in zaal 502 van het PC Hoofthuis, Spuistraat
134 te Amsterdam, vanaf 13.00 uur een studiemiddag plaats georganiseerd
door het Huizinga Instituut en de Erasmus Universiteit. Hierin participeren
de studiegroep 'Schrijven over jezelf en over de ander' (coordinatie
Solange Leibovici, Universiteit van Amsterdam) en de studiegroep
'Egodocumenten in de vroegmoderne periode' (coordinatie Rudolf Dekker,
Erasmus Universiteit). Leden van beide groepen zullen een presentatie geven
van een bepaald aspect van het onderzoek dat in de betreffende groep wordt
gedaan. Het gaat om korte lezingen van ongeveer 20 minuten, die door
discussie zullen worden gevolgd.
De middag zal worden ingeleid door Rudolf Dekker ('Inventarisatie van
Nederlandse egodocumenten uit de periode 1814-1914') en Solange Leibovici
('Schrijven over jezelf en over de ander: naar een theoretisch kader').
Overige sprekers zijn:
- Judith Pollmann: Egodocumenten uit de zeventiende eeuw;
- Luuc Kooijmans: Egodocumenten als bron voor mentaliteitsgeschiedenis;
- Suzan van Dijk: Dagboeken van (lezende) vrouwen uit de negentiende eeuw
- Herbert van Rheeden: Het schilderij als egodokument: een verkenning
- Evelien Gans: Naoorlogse getuigenissen als oral history
- Laurens van der Heijden: Life Histories: de levens van jezuieten.
Belangstellenden die (nog) niet aan een van de twee groepen deelnemen, maar
de middag willen bijwonen kunnen zich opgeven bij: Solange Leibovici,
Vakgroep Frans, Spuistraat 134, 1012 VB Amsterdam, 020-6143503.
(4)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sat, 13 Sep 1997 14:36:13 +0200
# From: Marc van Oostendorp <oostendorp@rullet.leidenuniv.nl>
# Subject: Col: 9709.16: Column Marc van Oostendorp: NederNed, no. 15:
# 'Zondagmorgen'
=========================
NederNed 15: Zondagmorgen
=========================
's Zondags slaapt mijn vrouw uit. Ik maak dan een grote kop koffie
verkeerd, smeer een volkorenboterham met kaas, en zet de computer van
mijn vrouw aan. Zij is grafisch vormgever met haar bedrijf aan huis en
daarom heeft ze zo'n mooi groot beeldscherm, waarop ik zondagmorgen
altijd een paar internationale nieuwsbronnen lees. 'Surfen' is al een
tijdlang niet meer het juiste woord voor wat ik dan doe -- ik weet
precies welke weblocaties ik opzoek. In plaats daarvan snuffel ik en
lees.
Op de weblocatie van de Amerikaanse Library of Congress bijvoorbeeld.
Sinds een paar weken is dit een de web-sites die ik steevast bezoek
(samen met de goeie ouwe Linguist List en Neder-L natuurlijk). Ik raak
er niet uitgekeken. Wat een schat aan informatie.
Je kunt er online op allerlei manieren zoeken in de catalogi van de
bibliotheek van het Amerikaanse parlement - waar tientallen miljoenen
titels uit de gehele wereld te vinden zijn. Je kunt er bovendien tal
van andere naslagwerken naslaan met informatie over onder andere de
Amerikaanse overheid, het bibliotheekwezen, auteursrechten over de hele
wereld, en veel en veel meer.
Bovendien valt elke wet die op dit moment onder behandeling is bij de
Amerikaanse Eerste of Tweede Kamer hier na te slaan en in te zien. En
bovenal zijn er enkele indrukwekkende elektronische tentoonstellingen
ingericht: over 'African-American culture', over '1492', over de
bibliotheek van het Vatikaan, over Frank Lloyd Wright, over het
vrouwenkiesrecht, panoramische landkaarten en over nog enkele
tientallen andere onderwerpen. Elke tentoonstelling bevat een groot
aantal transcripties van historische documenten, verklarende teksten en
afbeeldingen, geluidsfragmenten en video's. Alles is even fraai
opgemaakt, alles is even helder gepresenteerd. Wie wil weten wat een
Internet-presentatie voor historisch materiaal kan doen, moet de
Library of Congress bezoeken.
Wat is Amerika toch een mooi land. Op deze ene weblocatie van de
Library of Congress staat meer informatie dan op alle websites van alle
Nederlandse bibliotheken en overheidsinstellingen bij elkaar.
Natuurlijk: de Koninklijke Bibliotheek is ook mooi. Maar in Amerika
_blijf_ je kijken. En wat is het toch prachtig dat je dat allemaal aan
de ontbijttafel kunt raadplegen. Op zondagmorgen verloopt de verbinding
ook nog eens goed en snel. Maak een koffie verkeerd. Smeer een
volkorenboterham. En geniet.
Library of Congress: http://lcweb.loc.gov/
Linguist List: http://www.linguistlist.org/
Marc van Oostendorp, oostendorp@rullet.leidenuniv.nl
(5)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Mon, 15 Sep 1997 16:25:54 +0200
# From: Theo Meder <Theo.Meder@pjmi.knaw.nl>
# Subject: Sym: 9709.17: Sprookjessymposium PJMI 'Een zoen voor
# Sneeuwwitje' (A'dam, 7 november)
====================================================
Sprookjessymposium PJMI: 'Een zoen voor Sneeuwwitje'
====================================================
Door de eeuwen heen hebben geletterden en ongeletterden van generatie
op generatie sprookjes doorverteld. Het zijn wondere verhalen, meestal
spelend in een onbestemd verleden: er was eens... De held of heldin
moet gevaren overwinnen, problemen oplossen, afrekenen met
tegenkrachten en tegenstrevers. En anders dan in het echte leven lukt
dat ook: slimheid overwint, toverkrachten worden gebroken of gebruikt.
Dan volgt de beloning, dikwijls een huwelijk met de prins of de
prinses. En ze leefden nog lang en gelukkig...
Maar binnen dit algemene stramien is er een immense diversiteit. En
naast de bekende wondersprookjes bestaan er ook nog eens talloze
diersprookjes, novellesprookjes en grappige sprookjes. De
wetenschappelijke internationale catalogi van volksverhalen kennen
duizenden sprookjestypen. Ook in het Nederlandse taalgebied circuleren
er honderden, in de mondelinge vertelcultuur, en in schriftelijke vorm,
zoals in de sprookjesbundels van Perrault en de gebroeders Grimm.
Op 7 november 1997 verschijnt er een nieuw deel in de A tot en met
Z-reeks van uitgeverij SUN. Het betreft een sprookjeslexicon onder de
titel Van Aladdin tot Zwaan-kleef-aan; Lexicon van sprookjes in de Lage
Landen. Voor de redactie tekenden Jurjen van der Kooi (Nedersaksisch
Instituut, RU Groningen), Ton Dekker en Theo Meder (P.J. Meertens
Instituut, Amsterdam).
Om dit heugelijke feit luister bij te zetten, organiseert de afdeling
Volkskunde van het P.J. Meertens-Instituut op vrijdag 7 november een
sprookjessymposium. De middag opent met een viertal lezingen, waarin
stilgestaan wordt bij verschillende aspecten van het verzamelen en
onderzoeken van volksverhalen in de Nederlanden, in heden en verleden.
Vervolgens wordt overgegaan tot de feestelijke aanbieding van het
lexicon. Tijdens dit symposium kan het lexicon overigens door
deelnemers met korting worden aangeschaft.
Programma:
----------
13.30 Ton Dekker: 'Nederland sprookjesland'
14.00 Eric Venbrux: 'Uit de verzamelpraktijk van A.A. Jaarsma'
14.30 theepauze
15.00 Jurjen van der Kooi: 'Het sprookje tussen orale en
schriftelijke overlevering'
15.30 Theo Meder: 'De dynamiek van het sprookje'
16.00 Wilfried Uitterhoeve: aanbieding van het eerste exemplaar van
'Van Aladdin tot Zwaan-kleef-aan'.
16.30 borrel
Datum: vrijdag 7 november 1997, 13.30 uur - 17.30 uur
Plaats: Theater Instituut Nederland, Herengracht 168-174, Amsterdam.
deelname gratis.
Opgave: voor 24 oktober 1997
Voor opgave en nadere informatie:
Anne Houk de Jong
P.J. Meertens-Instituut
Keizersgracht 569-571
1017 DR Amsterdam
telefoon: 020-6234698
fax: 020-6240639
e-mail: Anne.Houk.de.Jong@pjmi.knaw.nl
(6)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Mon, 15 Sep 1997 09:57:44 +0100 (MET)
# From: Berry Dongelmans <DONGELMANS@rullet.LEIDENUNIV.NL>
# Subject: Rub: 9707.18: Hora est!, no. 3:
# - 3a. Proefschrift E. Huizenga 'Een nuttelike
# practijke van cirurgien' (promotie in
# Groningen op 30 oktober 1997)
# - 3b. Proefschrift W. Abrahamse 'Het toneel
# van Theodore Rodenburgh (1574-1644)'
# - 3c. Proefschrift J. Kraayeveld 'Idiosyncrasy
# in prosody'
# - 3d. Proefschrift M. van Zon 'Speech processing
# in Dutch: a cross-linguistic approach'
================
Hora est!, no. 3
================
-----------------------------------------------------------------------
Hora est, no. 3a: Proefschrift E. Huizenga 'Een nuttelike practijke van
cirurgien' (promotie in Groningen op 30 oktober 1997)
-----------------------------------------------------------------------
Op donderdag 30 oktober 1997 zal Erwin Huizenga promoveren aan de
Rijksuniversiteit Groningen tot doctor in de Letteren, op het
proefschrift EEN NUTTELIKE PRACTIJKE VAN CIRURGIEN. GENEESKUNDE EN
ASTROLOGIE IN HET MIDDELNEDERLANDSE HANDSCHRIFT WENEN,
OESTERREICHISCHE NATIONALBIBLIOTHEK, 2818. Promotores zijn prof.
dr. H. van Dijk, prof. dr. R. Jansen-Sieben, en prof. dr. Jos M.M.
Hermans. Het proefschrift zal verschijnen bij Uitgeverij Verloren
in Hilversum. ISBN: 90-6550-292-0. Prijs: ongeveer f 99,-.
Het Middelnederlandse handschrift Wenen, Oesterreichische
Nationalbibliothek, 2818, is een omvangrijke codex met een groot aantal
medische, astrologische, astronomische en alchemistische traktaten. Het
handschrift is zelden of nooit onder de aandacht van medievistische
onderzoekers gebracht. Er was dan ook nog weinig over bekend.
In de medioneerlandistiek is pas in 1974 voor het eerst gewezen op de
zeer rijke inhoud van het handschrift.
Deze studie stelt zich tot doel te komen tot inzicht in de manier
waarop het handschrift is ontstaan, en hoe het gefunctioneerd kan
hebben in zijn tijd. Daarbij worden vragen gesteld als: welke
informatie leveren de codex zelf, en de inhoud ervan ons op? Wie heeft
het boek geschreven, en waarom is dat gedaan? Waarom heeft de
samensteller belangstelling voor juist deze combinatie van traktaten?
Waar is het handschrift geschreven, en wanneer? Om tot een antwoord op
deze vragen te komen is het handschrift onderzocht door middel van drie
benaderingswijzen, die in de indeling van de studie terug te vinden
zijn. Deze drie benaderingswijzen zijn: 1. Onderzoek naar het
handschrift als materieel object; 2. Onderzoek naar de inhoud van de
raktaten; 3. Onderzoek naar de sociaal-culturele en historische
context.
De drie benaderingswijzen worden uitgewerkt in zeven hoofdstukken en
een reeks appendices. In het eerste, inleidende hoofdstuk blijkt dat de
karakteristieke combinatie van geneeskunde en astrologie, die in de
codex overheersend is, heel nadrukkelijk wijst op de praktijk van een
medische beroepsgroep.
In het tweede hoofdstuk wordt het handschrift codicologisch
geanalyseerd. Het opmerkelijkste codicologische verschijnsel is de
grote diversiteit aan katernsignaturen. Deze diversiteit lijkt alleen
verklaard te kunnen worden wanneer aangenomen wordt dat het handschrift
is samengesteld uit verschillende delen, een convoluut. Op grond van
deze signaturen is het waarschijnlijk dat de codex is opgebouwd uit ten
minste vijf delen of libelli. Twee ervan zijn zelf
verzamelhandschriften geweest, de drie andere libelli zijn eenheden met
in principe e'e'n tekst op enkele katernen. Deze hypothese wordt door
een groot aantal codicologische gegevens, zoals de watermerken, de
bladopmaak, het schrift en enkele gebruikersnotities, aangevuld en
bevestigd. Ook worden in dit hoofdstuk het taalgebruik en het dialect
van het handschrift onderzocht. Er blijkt uit dat hand a, de kopiist
van de teksten, waarschijnlijk afkomstig is uit Oost-Brabant of het
gebied iets ten noorden daarvan. Naast het schrift van de kopiist zijn
er nog twee latere handen in de codex te vinden, b en c, vermoedelijk
latere eigenaren en/of gebruikers van de codex. Zij hebben enkele
blanco bladen met korte tekstjes en recepten opgevuld. Hun taalgebruik
wijst er op dat ze uit Oost-Brabant of Limburg afkomstig waren.
Het derde en het vierde hoofdstuk beschrijven de inhoud van de vijf
samenstellende delen van hs. 2818. In de eerste acht katernen van het
handschift staan de astrologie, de astronomie en de iatromathematika
centraal. De resterende driekwart van de codex bestaat uit medische
literatuur, soms in de vorm van heel korte tekstjes, soms zijn het heel
uitvoerige traktaten. Een bijzondere groep wordt gevormd door vier
berijmde traktaten op het slot van het handschrift, de enige
rijmteksten in de hele codex. Bijzonder is ook dat verschillende van de
teksten voor zover bekend alleen in dit handschrift in het
Middelnederlands zijn overgeleverd.
In het vijfde hoofdstuk worden de inhoud en de opbouw van hs. 2818
afgezet tegen, en vergeleken met een groter corpus van
Middelnederlandse medische-astrologische verzamelhandschriften. De
vraag die daarbij gesteld wordt, is op welke wijze dit soort
handschriften eigenlijk tot stand kwamen, en wie daarbij een rol hebben
gespeeld. Tevens wordt in dit hoofdstuk onderzocht wat we eigenlijk
weten van degenen die de verzamelhandschriften schreven (de kopiisten),
van degenen die de inhoud ervan bepaalden (de compilatoren), en van
degenen voor wie een codex bestemd was (de bestemmelingen).
Om tot een nauwkeurige bepaling te kunnen komen van de plaats van de
compilator van hs. 2818 binnen het geheel van de laatmiddeleeuwse
geneeskunstbeoefenaren, wordt in het zesde hoofdstuk een verkenning
gemaakt van de verschillende groepen die werkzaam waren binnen de
geneeskundige hierarchie. De geneeskunstbeoefenaren in de late
Middeleeuwen waren geordend naar een hierarchisch model, waarbij de
maatschappelijke status van een groep een belangrijk distinctief
kenmerk was. De verschillende onderdelen van de geneeskunde waren in
deze periode verdeeld over verschillende beroepsstanden. Hiertoe
behoorden de universitair opgeleide 'doctores medicinae', de
chirurgen, de apothekers, de barbiers, en de vroedvrouwen, maar ook de
badmeesters.
In het zevende en laatste hoofdstuk worden veel kwesties die eerder aan
bod kwamen, samengebracht met het doel de vraag naar het ontstaan en
functioneren van hs. 2818 zo volledig mogelijk te kunnen beantwoorden.
Dit levert het volgende beeld van de codex op.
Het handschrift is ontstaan in de periode rond 1490 en kort daarna. De
codex is geschreven door e'e'n persoon. Dit is echter niet in e'e'n
keer gebeurd, maar in fasen. De kopiist van het handschrift is op grond
van de talloze fouten, zowel in de geneeskunde als in de astrologische
teksten, vrij zeker zelf geen geneeskunstbeoefenaar geweest.
Op grond van de inhoud van de traktaten in het handschrift kan echter
beargumenteerd worden dat de compilator dat zeker wel moest zijn
geweest. Het is aannemelijk dat de kopiist in opdracht van een
geneeskunstbeoefenaar schreef, die de teksten als een kleine
handbibliotheek gebruikte. De compilator is waarschijnlijk een
Brabantse chirurg geweest. Er zijn verschillende, zeer uiteenlopende
argumenten die aan de teksten ontleend kunnen worden, die ervoor
pleiten dat de kopiist of de leggers die hij kopieerde, afkomstig
was/waren uit het gebied ten oosten van Brussel, mogelijk rondom de
plaatsen Diest en Tienen. Ook de compilator van hs. 2818 was
vermoedelijk uit deze streek afkomstig.
De beschrijvende hoofdstukken worden gevolgd door een reeks appendices.
In Appendix I wordt het handschrift uitvoerig beschreven, met alle
relevante codicologische gegevens en verschillende afbeeldingen.
Appendix II is een uitvoerige beschrijving van de inhoud van alle
traktaten in hs. 2818. In deze inventarisatie worden zoveel mogelijk
gegevens systematisch gepresenteerd. De andere appendices geven o.a.
enkele oudere handschriftbeschrijvingen, een lokalisering van de handen
in het handschrift, en de verspreiding van enkele
taalvarianten over de codex. Een vaktechnische woorden- en
begrippenlijst en een uitgebreide bibliografie besluiten het
proefschrift.
Erwin Huizenga
Albrondaheerd 27
9737 RB Groningen
050-5414712
erwin_huizenga@capitolonline.nl
--------------------------------------------------------------------
Hora est, no. 3b: Proefschrift W. Abrahamse 'Het toneel van Theodore
Rodenburgh (1574-1644)'
--------------------------------------------------------------------
Aan de Universiteit van Amsterdam is gepromoveerd tot doctor in de
letteren Wouter Abrahamse op het proefschrift HET TONEEL VAN
THEODORE RODENBURGH (1574-1644).
Promotor was prof. dr. E.K. Grootes.
De handelsuitgave kost f 49,50 en is schriftelijk te bestellen bij
uitgeverij AD&L, Amstel 130c, 1017 AD Amsterdam of telefonisch bij
de auteur (020-6643737).
Theodore Rodenburgh (1574-1644) neemt in de Nederlandse
toneelgeschiedenis een unieke plaats in. In de periode waarin het
renaissancedrama volop tot ontwikkeling kwam, versterkte deze
dichter-diplomaat de Amsterdamse rederijkerskamer De Eglentier en
publiceerde hij meer dan tien toneelstukken. Ridder Rodenburgh staat te
boek als de eerste vertegenwoordiger van het renaissancistische, vrije,
niet-klassieke toneel. Hij bracht het publiek tussen 1616 en 1619
in aanraking met de Spaanse 'comedia', de Engelse wraaktragedie en het
Italiaanse pastorale spel. Met zijn vertalingen-bewerkingen n met zijn
oorspronkelijke spelen gaf hij een nieuwe impuls aan het Amsterdam
toneel aan het begin van de zeventiende eeuw. Rodenburgh was een
schrijver bij wie de kennis van de moderne Europese literatuur
doorwerkte in zijn eigen teksten, niet alleen in zijn toneelstukken,
maar ook in zijn verdediging van de dichtkunst, die hij in 1619
publiceerde tot meerdere eer en glorie van De Eglentier.
Het eerste hoofdstuk van deze studie is grotendeels gewijd aan
Rodenburghs opvattingen over de taak van de dichter en de functie van
het toneel. In 'Eglentiers po"etens borst-weringh' (1619) en het
toneelstuk 'Melibea' (1618) gaf hij zijn visie op de dichtkunst en
verdedigde hij zijn eigen, controversiele toneel.
Rodenburgh legde in zijn poeticale teksten het accent op het doel
van de dichtkunst. Aan de ene kant bouwde hij bewust voort op de
poeticale opvattingen van zijn voorgangers binnen De Eglentier en sloot
hij in zijn verdediging aan bij de rhetorisch-didactische denkbeelden
van Egbert Meynerts en Hendrick Laurensz Spiegel. Aan de andere kant
draagt zijn betoog het stempel van de muzisch-fictionele
dichtopvatting. Juist de verbeelding stelt de dichter in staat tot het
oproepen van een wereld met voorbeeldige personages.
Zijn verdediging van de dichtkunst in 'Eglentiers po"etens
borst-weringh' baseerde hij grotendeels op 'The defence' van Sir Philip
Sidney en 'The arte of rhetorique' van Thomas Wilson. Verder bewerkte
hij passages uit 'A confutation of atheism' van John Dove, uit 'Les
mmoires et histoires de l'origine, invention et autheurs des choses'
van Polydorus Vergilius, uit 'Examen de ingenios' van Juan Huarte en
uit 'Zedekunst' van Dirck Volckertsz Coornhert.
In het tweede hoofdstuk wordt het driedelige spel 'Keyser Otto den
derden, en Galdrada' (1616-1617) vergeleken met de uitgangstekst, een
novelle uit de 'Histoires tragiques'. Het spel kenmerkt zich door
veelheid en variatie in instructie en dramatische vorm. Het onderscheid
tussen liefde en min en het vraagstuk van de vrije wil stelde
Rodenburgh in dit spel centraal. Verder gaf hij instructie over
uiteenlopende onderwerpen als de astrologie, het geheugen en het
onderscheid tussen neiging en begeerte. Evenals in 'Eglentiers po"etens
borst-weringh' voegt hij tal van bekende en minder bekende teksten in.
In 'Keyser Otto' gebruikte Rodenburgh verscheidene middelen om zijn
publiek te onderwijzen: dubbele intrige, exemplarische
karaktertekening, vermommingen, vertoningen, geestverschijningen,
emotionerende monologen, stichomythien en tirades. Nu eens ligt het
accent op het 'movere', dan weer op het 'docere'. Bij de dramatisering
van een novelle tot het vierdelige 'Hertoginne van Savoye, en Don Juan
de Mendossa' (1619) gebruikte Rodenburgh dezelfde compositorische,
stilistische en inhoudelijke amplificatietechniek als in 'Keyser Otto'.
Theodore Rodenburgh was een internationaal georienteerde schrijver. Hij
maakte onder meer bewerkingen van 'The revengers tragedy', van
Guarini's 'Il pastor fido', van 'comedias' van Lope de Vega en Aguilar.
In het derde hoofdstuk staan Rodenburghs bewerkingen-vertalingen
centraal. Hij koos vrijwel onveranderlijk voor spelen over liefde, eer
en wraak. Of het nu gaat om een dramatisch voorbeeld uit Spanje,
Italie of Engeland, zijn wijze van bewerken kenmerkt zich door
moralisering. De onderlinge verschillen in opzet zijn grotendeels terug
te voeren op het subgenre waartoe de dramatische modellen gerekend
kunnen worden: de 'comedia de capa y espada', de 'comedia de honor', de
wraaktragedie en het pastorale spel. Nooit wijkt hij wezenlijk af van
de opzet van
de brontekst.
In hoofdstuk vier wordt Rodenburghs werk inhoudelijk getypeerd,
ingegaan op de door hem gebruikte bronnen en zijn specifieke
bewerkingswijze. Theodore Rodenburgh was een didacticus bij uitstek met
een uitgesproken mens- en wereldbeeld. Hij presenteerde zich graag als
een erudiet man en liet geen gelegenheid voorbijgaan om de toeschouwer
met zijn ideeen te confronteren. De instructie in zijn spelen is even
omvangrijk als gevarieerd. Steeds weerkerende motieven zijn deugd,
zelfkennis, goddelijke voorzienigheid, neiging en begeerte, liefde en
min, geweten en astrologie. Veel van zijn uitweidingen laten zich
terugvoeren naar hun bron, vaak Engelse, Franse en Spaanse geschriften.
De ontleningen kenmerken zich door inkorting en berijming van het
origineel. Twee Nederlandstalige ethica's zijn van enorme invloed
geweest op Rodenburghs werk: de 'Zedekunst' van Coornhert en de
'Hert-Spiegel' van zijn oom Spiegel. Verder greep hij onder meer terug
op het werk van Lavater, Mexa, Guevara, Fontanus, James I, Boethius,
Apianus en La Serre.
De epiloog bevat een karakterisering van Rodenburghs spelen en
toneelopvatting op basis van de bevindingen, een eerste verkenning van
de niet-besproken toneelstukken en aanbevelingen voor verder onderzoek.
In de bijlage vindt men een uitgebreide biografische schets van
Theodore Rodenburgh, een aanvulling op de bibliografie van Alblas,
transcripties van enkele onbekende gedichten van en voor Rodenburgh en
een beschrijving van de houtsnedes van de titelpagina's.
Wouter Abrahamse
----------------------------------------------------------------------
Hora est, no. 3c: Proefschrift J. Kraayeveld 'Idiosyncrasy in prosody'
----------------------------------------------------------------------
Op vrijdag 5 september jl. is aan de Katholieke Universiteit
Nijmegen gepromoveerd drs. J. Kraayeveld op het proefschrift
IDIOSYNCRASY IN PROSODY - SPEAKER AND SPEAKER GROUP IDENTIFICATION
IN DUTCH USING MELODIC AND TEMPORAL INFORMATION. Promotor was prof.
dr. W.H. Vieregge, copromotores dr. A.C.M. Rietveld en dr. V.J. van
Heuven (RUL). Er is geen handelseditie verkrijgbaar.
Bij automatische spraakherkenning door de computer is variatie tussen
verschillende personen een van de relevante factoren. De promovendus
heeft hiervoor prosodische spraakkenmerken onderzocht. Dit zijn
variaties in toonhoogte, luidheid en temporele aspecten. Hij heeft
hierbij vooral gelet op de gemiddelde toonhoogte en specifieke
toonhoogte-bewegingen. Bij spontane spraak ligt de herkenning op 70
procent en bij vastgelegde zinnen op 80 procent.
De prosodische maten zijn ook gebruikt om andere factoren te
onderscheiden. Spreekstijlen (spontane spraak of voorgelezen spraak)
[zijn] goed te onderscheiden. Identificaties van geslachtsgroepen bleek
moeilijk. Naast de toonhoogteverschillen blijken mannen langere
spreek-pauzes te hanteren. Leeftijds-identificatie aan de spraak bleek
niet haalbaar.
----------------------------------------------------------------------
Hora est, no. 3d: Proefschrift M. van Zon 'Speech processing in Dutch:
a cross-linguistic approach'
----------------------------------------------------------------------
Op maandag 9 juni 1997 jl. is mw. drs. M.D.C.M. van Zon
gepromoveerd aan de Katholieke Universiteit Brabant op het
proefschrift SPEECH PROCESSING IN DUTCH: A CROSS-LINGUISTIC
APPROACH. Promotor was mw. prof. dr. B.L.M.F. de Gelder (hoogleraar
Algemene Psychologie) en prof. dr. R. Collier (Experimentele
taalkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven).
Het proefschrift is uitgegeven in eigen beheer.
Het centrale onderwerp is spraakwaarneming in het Nederlands. Er wordt
antwoord gezocht op de vraag hoe Nederlandse spraak door verschillende
groepen luisteraars gesegmenteerd wordt. Twee vooronderstellingen
liggen ten grondslag aan deze vraag. De eerste is dat lexicale eenheden
fungeren als spraakrepresentaties; de tweede stelt dat luisteraars
specifieke segmentatie procedures ontwikkelen en dat zij deze gebruiken
bij het luisteren naar spraak.
De belangrijkste bevinding van dit proefschrift is, dat de
fonologische eigenschappen van de moedertaal de spraakverwerking
benvloeden: net zoals voor Franstaligen fungeert de lettergreep ook
voor Italiaanse medetaalsprekers als eenheid van spraakrepresentatie;
en net als Engelstaligen gebruiken Nederlandse moedertaalsprekers een
metrische segmentatie strategie. De resultaten komen overeen met het
idee dat spraakverwerking voor een deel een universeel proces is: de
ritmische eigenschapen van een taal spelen een rol. De spraakwaarneming
van tweetaligen laat een minder duidelijk beeld zien. Toekomstig
cross-lingustisch onderzoek is van groot belang om inzichten in
spraakrepresentaties en spraaksegmentatie procedures van met name
tweetaligen te vergroten. Concluderend kan gesteld worden dat de hier
beschreven studies die het waarnemen van Nederlandse spraak voor
verschillende luisteraars onderzochten, hebben aangetoond, dat
contrasterende fonologische taaleigenschappen van invloed zijn op de
spraakwaarneming van luisteraars.
M. van Zon
A. Derkinderenstraat 2
5143 HL Waalwijk
(0416 651 734)
-----------------
VOOR OPGAVE VAN NIEUW PROMOTIE-ONDERZOEK, RECENTE OF AANKOMENDE
PROMOTIES WENDE MEN ZICH TOT B.P.M. DONGELMANS, VAKGROEP NEDERLAND RUL,
POSTBUS 9515, 2300 RA LEIDEN of DONGELMANS@RULLET.LEIDENUNIV.NL
-----------------
(7)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sun, 14 Sep 1997 15:23:03 +0200
# From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@let.uva.nl>
# Subject: Sym: 9709.19: Congres 'The presence of the past' (A'dam,
# 17 oktober)
==================================
Congres 'The presence of the past'
==================================
Op 17 oktober a.s. wordt in de Doopsgezinde Kerk, Singel 452 te
Amsterdam het symposium 'The presence of the past: cultural policy,
media, museums' gehouden ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van
de vakgroep Culturele Studies van de Universiteit van Amsterdam.
Het programma voor deze dag is:
9.00-9.30 Ontvangst en inschrijving met koffie en thee
9.30-9.45 Opening door Pieter de Meijer (Universiteit van
Amsterdam)
9.45-10.45 Hermann Lubbe (Universiteit Zuerich)
Vergangenheitsvergegenwaertigung. Historisches
Interesse und Zivilationsdynamik
10.45-11.00 Pauze
11.00-12.00 Krzystof Pomian (cnrs Paris)
Memory and history
12.00-13.00 Michel Colardelle (Musee des Arts et Traditions
Populaires)
Reflections on musealisation
15.00-15.30 Jan Vaessen (Raad voor Cultuur)
Cultureel erfgoed en musealisering
15.30-16.00 Debora Meijers (Kunsthistorisch Insituut Universiteit van
Amsterdam)
Het verleden in het museum
16.00-16.30 Frank van Vree (Culturele Studies, Universiteit van
Amsterdam)
Media als tijdmachines. Over de visualisering van de
historische cultuur
16.30-17.00 Pauze
17.00-18.00 Plenaire discussie o.l.v. Pim den Boer (Culturele
Studies, Universiteit van Amsterdam)
18.00 Sluiting en borrel
Voor inschrijving na 1 september gelden de volgende bedragen: voor het
bijwonen van de hele dag fl. 70,- (studenten fl. 30,-); voor het
bijwonen van een dagdeel fl. 45,- (voor studenten fl. 25,-).
Informatie en aanmelding: Vakgroep Culturele Studies, Spuistraat 210,
1012 VT Amsterdam, tel. 020 5253503 / fax 020 5253052, e-mail
P.Voogt@let.uva.nl
(8)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Mon, 08 Sep 1997 11:43:57 +0000 (MET-1DST)
# From: Rietje van Vliet <M.van.Vliet@PROFIELEN.HRO.NL>
# Subject: Lit: 9709.20: Zojuist verschenen: E.M. Beekman, 'The crippled
# heart. An Introduction to the life, times and
# works of Willem Godschalck van Focquenbroch'
======================================================
Zojuist verschenen: E.M. Beekman, 'The crippled heart'
======================================================
E.M. Beekman, _The crippled heart. An Introduction to the life,
times and works of Willem Godschalck van Focquenbroch_.
Paddemoesreeks 2. 174 Blz. ISBN 90-75179-09-x. Prijs fl. 39,95.
Leiden, Uitgeverij Astrea, 1997.
Hoewel Willem Godschalck van Focquenbroch (1640-1670) gerekend wordt
tot de grotere schrijvers van de Gouden Eeuw, is er van hem in de
laatste decennia slechts een enkele tekstuitgave en/of studie
verschenen. Tijdens zijn korte maar intense leven schreef hij een
bescheiden aantal boeken, die voor ons - in vergelijking met de meeste
werken van zijn tijdgenoten - meer relevantie bezitten. Zijn lyrische
poezie is erotisch, scherp en geestig. In zijn satirische gedichten
steekt hij de draak met de klassieke traditie. Zijn comedies,
tenslotte, laten een levendig beeld zien van de samenleving uit die
tijd.
Tijdens zijn verblijf aan de West-Afrikaanse Goudkust heeft
Focquenbroch ook vier lange 'brieven' geschreven. Aangezien er
bijzonder weinig Europese teksten over dit gebied uit deze vroege
periode bestaan, hebben deze prozateksten zowel een historische als
literaire waarde. In deze studie zijn die brieven voor het eerst
uitgegeven, vertaald in het Engels en voorzien van annotaties.
In _The crippled heart_ wordt de opmerkelijke zeventiende-eeuwse auteur
Willem Godschalck van Focquenbroch geintroduceerd aan een algemeen
geinteresseerd en niet-specialistisch lezerspubliek.
E.M. Beekman is professor 'Germanic Languages and Literature' aan de
Universiteit van Massachusetts in Amherst, Verenigde Staten. Hij heeft
een groot aantal boeken op zijn naam staan.
Uitgeverij Astraea
Zoeterwoudsesingel 69, 2313 EL Leiden, The Netherlands
telefoon (071) 512 83 61 (na 18.00 uur)
(9)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Tue, 9 Sep 1997 15:35:23 +0200 (METDST)
# From: Peter-Arno Coppen <p.a.coppen@let.kun.nl>
# Subject: Col: 9709.21: Column Coppen: Linguistisch Miniatuurtje IXL:
# 'Geboren worden is een hele toestand'
====================================================================
Linguistisch Miniatuurtje IXL: 'Geboren worden is een hele toestand'
====================================================================
Op een mailinglijst voor vertalers en correctoren trof ik de volgende
kwestie aan: Wat is het verschil tussen "Hij WERD geboren op een
boerderij op de Orkney-eilanden, waar hij ook zijn jeugd doorbracht" en
"hij WAS geboren op een boerderij op de Orkney-eilanden, waar hij ook
zijn jeugd doorbracht"? Er werd nog een hele context bij de twee zinnen
gegeven, die voor dit verhaal van geen belang is. Deelnemers aan de
lijst putten zich uit in het opsporen van de meest scherpzinnige
semantische verschillen. Spannend tegenover lichtvoetig, zwaarmoedig
tegenover nuchter, sequentieel tegenover introducerend, kortom, het
verschil leek bij uitstek een kwestie van taalgevoel.
Ik wil niet meteen zeggen dat ik alle subtiele verschillen in betekenis
wantrouw, maar waar zoveel creativiteit aangewend lijkt en de
overeenstemming tussen de deelnemers zo gering is bekruipt me
onwillekeurig de gedachte dat iedereen maar wat verzint. Nou verzin ik
ook wel eens wat (je kunt geen 39 miniatuurtjes schrijven zonder je
fantasie te gebruiken), maar ik probeer ten minste mijn verzinsels te
beargumenteren.
De hier voorliggende kwestie lijkt me ongetwijfeld een vertaalprobleem,
en wel vanuit het Engels. Er heeft natuurlijk gestaan "he WAS born on a
farm...", en de vertaler vraagt zich af of hij dit moet weergeven in
het Nederlands met "hij WAS geboren" of "hij WERD geboren". Nou zal ik
niet bestrijden dat een goede vertaling voor een groot gedeelte op
taalgevoel moet worden vervaardigd, maar in dit geval is een zuiver
grammaticale benadering allereerst aan te raden.
De volledige zin luidde: "hij WAS/WERD geboren op een boerderij op de
Orkney-eilanden, waar hij ook zijn jeugd doorbracht". De bijzin
("waar...doorbracht") staat in de onvoltooid verleden tijd. Het ligt
voor de hand om te veronderstellen dat de hoofdzin in dit geval
dezelfde tempus moet hebben. Vervang de constructie met "geboren
zijn/worden" door "zijn wieg staat", dan is de enige vorm die een
stilistisch correcte zin oplevert: "Zijn wieg stond". De vorm "zijn
wieg heeft gestaan" is gek, en "zijn wieg had gestaan" is nog veel
gekker.
Goed. Als de hoofdzin onvoltooid verleden tijd moet zijn, dan is de
vraag: impliceert de keuze voor WAS of WERD ook een verschil in tempus?
Laten we beginnen met WERD: de constructie "hij werd geboren..." is een
onvoltooid verleden tijd van het passieve "geboren worden". De keuze
voor WERD zou dus een correcte tempusharmonie opleveren tussen hoofd-
en bijzin. Als de constructie "hij was geboren..." ook passief is,
betreft het de voltooid verleden tijd (het zogeheten plusquamperfectum,
"was geboren geworden"), waarbij WAS fungeert als hulpwerkwoord van de
lijdende vorm. Met andere woorden: onder de passiefinterpretatie is er
een disharmonie tussen de voltooid verleden tijd in de hoofdzin en de
onvoltooid verleden tijd in de bijzin. Echter, bij constructies met
ZIJN en een voltooid deelwoord is altijd de vraag: kan dit geen
naamwoordelijk gezegde zijn, met ZIJN als koppelwerkwoord? In dat geval
zou WAS onvoltooid verleden tijd zijn, en daarmee zou ook deze
constructie correct zijn.
Dat brengt ons bij de volgende vraag: kun je "ik ben geboren" opvatten
als een naamwoordelijk gezegde? Misschien zou iemand vanwege de
mogelijke oppositie "geboren/ongeboren" de neiging hebben om deze vraag
met "ja" te beantwoorden, maar de argumenten tegen deze stelling zijn
overweldigend.
Het belangrijkste is: "geboren zijn" heeft geen duratief aspect, het
drukt geen toestand uit. Misschien dat je bij "geboren worden" in
filosofische zin nog zou kunnen spreken van de overgang van de
ongeboren in de geboren toestand, maar de meest voor de hand liggende
lezing van "geboren zijn" is het voltooid zijn van een gebeurtenis (de
geboorte). "Geboren worden", evenals "geboren zijn", combineert dan ook
niet met een tijdsduur ("sinds 1958"), maar met een tijdstip ("in
1958"). Daaruit volgt dat je geen combinatie kunt maken met "blijven".
"Geboren blijven" is onzin.
Maar ook uit het ongerijmde kun je het aantonen. Stel, "geboren zijn"
is inderdaad naamwoordelijk gezegde. Dan moet je daar ook weer een
voltooide tijd van kunnen maken: "ik ben geboren geweest". Rare zin.
Dus: "geboren zijn" is geen naamwoordelijk gezegde. Bijgevolg is "WAS
geboren" geen onvoltooid verleden tijd.
De argumentatie lijkt me waterdicht en onproblematisch. Dat de
deelnemers aan de boven genoemde discussielijst geen noemenswaardige
tekenen van bijval toonden lijkt me dan ook uitsluitend aan onze
aangeboren afkeer van eenvoudige oplossingen toe te schrijven.
Maar intussen opent deze constructie nog wel een aardig achterdeurtje
naar een interessante taalkundige kwestie: Als "geboren zijn" dan per
se passief is, hoe zit die afleiding dan in elkaar? Met andere woorden,
is er een onderliggende actieve pendant van "geboren worden"? Dat lijkt
toch wel erg problematisch. Natuurlijk, we kunnen "geboren" wel
etymologisch koppelen aan het werkwoord "baren", maar er is geen
taalgebruiker die zich daar expliciet van bewust is, en we kunnen
dus bezwaarlijk aannemen dat deze koppeling in ieders taalvermogen
sluimerend aanwezig is.
Onze constructie lijkt een sterk argument voor een meer lexicalistische
benadering van het passief: "geboren" is een versteend passief
deelwoord, dat direct in de constructie wordt ingelast. Maar eigenlijk
zit ook dat me niet erg lekker. Wat is daar dan eigenlijk passief aan?
Is "geboren" dan nog wel een werkwoord, of is het meer iets
adjectiefachtigs? En in het laatste geval: waarom kunnen we zo'n
adjectief dan wel attributief gebruiken ("een te vroeg geboren baby"),
maar niet als predikaatsnomen? Want "geboren zijn" kon geen
naamwoordelijk gezegde zijn. Toch?
Peter-Arno Coppen
(10)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sun, 14 Sep 1997 15:23:03 +0200
# From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@let.uva.nl>
# Subject: Sym: 9709.22: Symposium 'De impact van literatuuropvattingen
# in het literaire veld' (Utrecht, 7 november)
=====================================================================
Symposium 'De impact van literatuuropvattingen in het literaire veld'
=====================================================================
Op 7 november 1997 zal in het Academiegebouw te Utrecht een symposium
georganiseerd worden dooor het nwo/lmt aandachtsgebied
'Literatuuropvattingen in het literaire veld'. Aan dit programma wordt
samengewerkt door postdocs en promovendi die bij nwo en aan
verschillende universiteiten zijn aangesteld. Het onderzoeksterrein is
zeer breed (o.a. klassieken, rederijkers, Engelse en Poolse literatuur
van de 18e eeuw, kunstopvattingen in het 19e-eeuwse Frankrijk,
schoolboeken in Nederland voor de Tweede Wereldoorlog, gender en de
participatie in literaire circuit, de recente ontwikkelingen in het
literaire veld). Alle projecten zijn op elkaar betrokken door een en
hetzelfde onderzoekskader waarin gelijksoortige onderzoeksvragen worden
gesteld. Deze hebben betrekking op de institutionele context (het
literaire veld) en de wijze waarop literatuuropvattingen functioneren.
Op het symposium zullen de eerste resultaten gepresenteerd worden door
enkele uitvoerders en de coordinatoren. Joost Kloek en Siegfried
Schmidt zullen op de opzet en de resultaten van het aandachtsgebied
reageren. Een algemene discussie zal de dag besluiten.
Het symposium is bedoeld voor alle geinteresseerde
letterenonderzoekers, zowel juniores als seniores. De toegang is
gratis. Deelnemers kunnen zich tot 1 november a.s. opgeven bij het
Bureau van lmt/nwo, Postbus 93120, 2500 AB Den Haag, 070-3440823 /
3440827.
(11)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
# Date: Sun, 14 Sep 1997 15:23:03 +0200
# From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@let.uva.nl>
# Subject: Sym: 9709.23: 15e Symposium Werkgroep Biografie 'Biografie
# en psychoanalyse' (A'dam, 14 november)
==========================================================
Symposium Werkgroep Biografie 'Biografie en psychoanalyse'
==========================================================
Op vrijdag 14 november 1997 zal te Amsterdam het vijftiende symposium
van de Werkgroep Biografie gehouden worden onder de titel 'Biografie en
psychoanalyse'. De bijeenkomst begint om 13.00 uur. De organisatie is
in handen van de Werkgroep Biografie en het Huizinga Instituut.
Biografen zullen altijd worden geconfronteerd met vragen die verbonden
zijn met introspectie, objectiviteit, persoonlijke reacties op het
gekozen onderwerp en problemen die samenhangen met het reconstrueren
van leven en persoonlijkheid van een ander vanuit de eigen belevings-
en ervaringswereld. In de psychoanalyse worden deze problemen voor een
belangrijk deel ondergebracht bij het concept overdracht /
tegenoverdracht. Daarnaast bieden psychoanalytische theorieen allerlei
concepten en hypotheses die een licht kunnen werpen op bepaalde
aspecten van de persoonlijkheid. Sommige biografen kiezen voor een
integratie van psychoanalytische theorieen in hun werk, anderen
daarentegen verwerpen elk soort dieptepsychologie.
Kan de psychoanalyse dienen tot een beter begrip van de gebiografeerde
figuur? Op dit symposium zullen voor- en tegenstanders van de
psychoanalytische benadering aan het woord komen. Dat zijn:
- Jaap van Heerden (uva), 'De verleiding van de psychoanalyse'
- Klaas van Berkel (rug), 'De biografie geeft inzicht in iemands werk,
niet in de persoon'
- Solange Leibovici (uva), '"Ik kakte als een vogel tussen twee
stormen in": de biografen van C'eline'
- Joost Baneke (Lucas & Andreas Ziekenhuis), 'Over de klinische
biografie'
De organisatie van het symposium is in handen van Koen Hilberdink
(Hoofdredacteur Biografie Bulletin) en Solange Leibovici (Bestuurslid
Werkgroep Biografie). Belangstellenden kunnen zich opgeven bij de
secretaris van de Werkgroep Biografie: Dr. H. de Liagre Bohl,
Michelangelostraat 21, 1077 BP Amsterdam, tel./fax 020-6715306.
(12)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
*-------------------------------------------------------------------------*
| |
| Informatie over Neder-L: |
| ======================== |
| Algemene informatie opvragen over Neder-L: stuur mail naar |
| listserv@nic.surfnet.nl met daarin de boodschap: GET NEDER-L INFO |
| Abonnement nemen op Neder-L: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl |
| met als boodschap: SUB NEDER-L uw-voornaam/voorletters uw-achternaam |
| Neder-L op het web/WWW: Neder-L-nummers zijn vanaf januari 1997 in |
| web-formaat te lezen via: http://baserv.uci.kun.nl/~salemans/ |
| Nadere informatie over Neder-L in web-formaat: zie artikel 9706.01 |
| Oude Neder-L-bulletins opvragen: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl|
| met daarin een boodschap als: GET NEDER-L LOG9206 |
| (resultaat: logboek met Neder-L-artikelen van juni '92 wordt gestuurd)|
| Gopher-toegang tot Neder-L: alle oude en nieuwe Neder-L-bulletins zijn |
| via Gopher in te zien op gopher.nic.surfnet.nl, in de directory |
| SURFnet informatie/LISTSERV archieven (nic.surfnet.nl)/NEDER-L |
| Algemene URL, voor direct contact vanuit Internet/Gopher/WWW: |
| http://baserv.uci.kun.nl/~salemans/ |
| of: |
| gopher://hearn.nic.surfnet.nl:70/11/1.%20LISTSERVs%20public |
| %20archives%20on%20hearn.nic.surfnet.nl/Neder-L |
| (Geen spatie tussen "20public" en "%20archives" plaatsen.) |
| Neder-L wordt ook verspreid via de Internet-newsgroup bit.lang.neder-l |
| Bijdrage voor Neder-L opsturen: stuur mail naar neder-l@nic.surfnet.nl |
| Contact met redactie: stuur mail naar Salemans@baserv.uci.kun.nl, naar |
| Willem.Kuiper@let.uva.nl, naar Piet.Verkruijsse@let.uva.nl (voor de |
| evenementenagenda), naar Oostendorp@rullet.leidenuniv.nl (voor |
| neerlandistiek op het Web), of naar P.A.Coppen@let.kun.nl |
*-------------------------------------------------------------------------*
*-Einde-------------------- Neder-L, no. 9709.b --------------------------*
Thread Navigation
This is a paginated view of messages in the thread with full content displayed inline.
Messages are displayed in chronological order, with the original post highlighted in green.
Use pagination controls to navigate through all messages in large threads.
Back to All Threads